zondag 6 maart 2011

Bechamelsaus

Een paar stukjes geleden vroeg iemand mij of ik “een diep, duister kookgeheim” heb. Sindsdien krijg ik dat maar niet uit mijn hoofd. Diepe, duistere kookgeheimen. Allereerst ben ik er vanuit gegaan dat het de bedoeling was dat ik niet alleen met “ja” zou antwoorden, maar dat ik dan ook details zou moeten geven over dat duistere geheim. Nu, dan. Goed. Ik zal een kookgeheim vertellen, zo ééntje waar ik liever niet over praat. Maar dan moet u dat ook doen natuurlijk. Laat een reactie achter en vertel uw diepste, duisterste kookgeheimen.

Eerlijk gezegd heb ik meer eetgeheimen dan kookgeheimen. Zo lust ik bijvoorbeeld nog steeds erg graag ganzenlever. Maar dat kan natuurlijk helemaal niet meer, dat hoort gewoon niet. Ik lust op zijn tijd ook wel eens een broodje bal met pindasaus, of onderweg bij een benzinestation een gehaktstaaf. Daar praat ik ook liever niet over. En als puber ben ik eens wakker gemaakt voor een pizza met ansjovis en ananas. Wat mij betreft blijft dat onder ons. Maar dat zijn eetgeheimen.

Dan nu, mijn diepe, duistere kookgeheim. Zo nu en dan eten wij lasagne, met heerlijke zelfgemaakte rode saus (deze bijvoorbeeld), mozzarella en parmezaan. Maar de bechamelsaus bij die lasagne maak ik niet altijd zelf. Die schud ik meestal uit een pakje. Omdat ik te bedonderd ben om hem even zelf te maken. Terwijl mijn recept voor bechamelsaus echt heerlijk is, vooral voor in de lasagne. Dusch. Mijn kookgeheim is dat ik bechamelsaus uit een pakje maak. Valt eigenlijk wel mee voor een diep, duister geheim.

Bechamelsaus
50 gr roomboter
60 gr bloem
½ liter melk
1 ui, geschild en door midden gesneden
een klein beetje vers geraspte nootmuskaat

Doe de melk, 2 halve uien en de nootmuskaat in een pan. Laat de melk tegen de kook aankomen, laat de smaken van de ui en nootmuskaat in de melk trekken, maar zorg dat deze niet kookt. Smelt in een andere pan (met dikke bodem) de boter. Voorzichtig en langzaam, de boter mag echt niet bruin worden. Roer, als de belletjes uit de boter zijn, de bloem door de boter. Laat in twee minuten, onder aldoor roeren, de bloem gaar worden. Dit gaat het beste met een pollepel. Voeg nu een derde van de (warme) melk toe en roer met een garde tot alle klontjes eruit zijn. Roer er nu de rest van de melk door, roer met een garde tot alle klontjes uit de saus zijn, daarna met een pollepel. Laat de saus heel rustig ongeveer 2 minuten pruttelen.
Bechamelsaus is trouwens niet alleen lekker bij lasagne, ook bij asperges of bijvoorbeeld met kaas over bloemkool

4 opmerkingen:

Anoniem zei

En dan zeker ook nog het allergoedkoopste merk gebruiken he viespeuk

Irene zei

Nee, hoor. Wel van Grand Italia!

Jeanne zei

Eigenlijk heb ik onlangs al mijn duister geheimpje verklapt: maggi door de zelfgemaakte mayonaise. Maar ik wil hier wel bekennen dat maggi hier beslist niet op tafel mag verschijnen terwijl ik het stiekum, niet doorvertellen, wel vaker gebruik. Behalve door de mayonaise ook door bv een dressing een paar drupjes, ook door de bechamelsaus durf ik dat wel te doen. Pas op, maar een paar druppels, anders verraad je waar dat lekkere smaakje toch van komt!

Irene zei

Nu ja zeg, een beetje mijn diepe duistere kookgeheimen achterhalen en dan zelf helemaal stil blijven. Dat kan natuurlijk niet!